images

Theoretisch-fysicus Wim Rietdijk (1927) over de vierdimensionaliteit van onze werkelijkheid.

Interview Jan van Friesland

‘Het zou zelfs kunnen blijken dat de wereld een zin heeft.’

U hebt in uw werkzame leven in tal van wetenschappelijke artikelen bewijzen geleverd voor een vooraf bepaalde werkelijkheid. Alles ligt volgens u vast en er wordt niet gedobbeld met onze toekomst. Ervaart u dat persoonlijk ook zo in uw alledaagse leven?

‘Wat mij in mijn leven is overkomen past in die zin bij mij dat gebeurtenissen die van buiten naar mij toe kwamen en invallen die dat ook leken te doen, vaak welhaast door mijzelf geregisseerd schenen. Het was alsof zij waren geselecteerd om een samenhangend deel te gaan uitmaken van het coherente complex dat mijn natuurkundige en sociologische werk ook tezamen vormen.’

Geeft u eens een voorbeeld uit uw eigen leven?

‘Nu, als iemand mij vroeg om op een congres te spreken, dan had ik de lezing vaak al in grote lijnen klaar en als ik een geraamte van een theorie bedacht, kwamen relevante informatie en ingevingen welwillend op mijn pad. Dat is des te merkwaardiger omdat het één van de kernpunten van mijn natuurkundige theorie is dat de toekomst reëel bestaat en het heden evenzeer meebepaalt als het verleden dat doet.’

U bezit, naar eigen zeggen, dus een persoonlijke notie van die gedetermineerdheid. De natuurwetten laten zich zo in hun concrete werking aan u zien. Verbaast het u als mensen daar vreemd van op kijken?

‘Daar kijken ze vreemd van op omdat ze oorzaken vanuit de toekomst heel ongeloofwaardig vinden terwijl ze dat niet méér zijn dan de voor ons zo bekende oorzaken vanuit het verleden, althans volgens mijn 4D- model… Ik denk trouwens als zeer strenge rationalist, hoe paradoxaal ook, heel vaak aan de uitspraak van journalist en filosoof Louis Pouwels: ‘De materie is misschien maar één van de schijngestalten die worden aangenomen door het Grote Gelaat.’ We moeten anders naar de fysische werkelijkheid durven kijken en andere vragen durven stellen.’

Bij sommigen van de menselijke soort past het, in uw visie, dat ze fout en wreed kunnen zijn, vroeg dood gaan, honger hebben en vreselijk lijden moeten ondergaan. Ligt allemaal vast en is bepaald. Voor velen onverteerbaar.

‘In mijn natuurkundige visie zijn het universum en de ervaringen van mensen vierdimensionaal (4D). Dit houdt in dat verleden, heden en toekomst van een mensenleven samenhangen. Zij hangen samen volgens de wetten van de causaliteit, dus van oorzaak en gevolg, maar ook volgens die van de retroactiviteit. De toekomst, die volgens mijn theorie al bestaat, oefent invloed uit op het heden. Het menselijk lijden kan voortkomen uit gebeurtenissen in het verleden. We vinden het heel normaal dat sommige oorzaken zwaar menselijk lijden tot gevolg hebben.

Maar mijns inziens hebben ook uit gebeurtenissen in de toekomst invloed op dat lijden. Zo kan het voor de post-Napoleontische tijd nodig zijn geweest dat Napoleon de slag bij Waterloo verloor. En, hoe paradoxaal ook, dat Hitler eerst vele aanslagen heeft moeten overleven om vreselijke dingen te moeten doen. Wie stelt dat de toekomst vastligt, heeft dit te accepteren, hoe onbegrijpelijk ook vanuit onze point de vue. Ook de rol die nu aan het toeval wordt toegeschreven, zoals bijvoorbeeld de ontmoeting van twee mensen die later een belangrijke rol in elkaars leven zullen spelen, zou in dit licht kunnen worden gezien.’

‘De mensheid en de wereld lijken een beter lot te verdienen dan de worp van een dobbelsteen en de kale teruggang tot het stof.’

De natuurkundige Dennis Dieks spreekt van een natuurfilosofie als het om uw werk gaat. U werkt met een intuïtief determinisme begrip…

(Glimlach) ‘Mijn natuurfilosofie wordt met feiten en bewijzen gestaafd. Invloeden vanuit de toekomst passen in mijn theorie even logisch als die uit het verleden en worden bovendien exact bewezen. Ook in grotere verbanden meende ik al vroeg te hebben opgemerkt dat er meer samenhang bestaat tussen oorzaken en gevolgen dan alleen die welke te verklaren is door invloeden van oorzaken op hun gevolgen. Deze samenhang is inmiddels bewezen, en wel op meerdere manieren.’

einsteins-god-dobbelt-niet.jpg

Krijgt uw werk in de vakliteratuur dan wel de verdiende aandacht?

‘Door mij en anderen is in de natuurkundige vakliteratuur op tien verschillende manieren bewezen dat de toekomst reëel bestaat. Daarbij toonde ik op vier manieren aan dat de toekomst niet alleen bestaat, maar bovendien ook invloed heeft op ons heden. Van de in totaal veertien bewijzen dat de toekomst er al is en de vier daarvan die bovendien aantonen dat die toekomst zelfs ook invloed op ons heeft, werden er twaalf in de vakliteratuur niet eens aangevochten! Bij de twee die dat wel werden, werd mij in feite slechts verweten dat ik er zonder bewijs van was uitgegaan dat licht van de zon naar hier even snel reist als omgekeerd. Deze gang van zaken heeft mij zeer bevreemd.’

 Hebt u daar een verklaring voor?

‘Het is voor zover ik weet zonder precedent in de fysica dat iets van groot belang, dat op twaalf manieren streng en onaangevochten wordt bewezen, vervolgens wordt genegeerd. Ik verklaar deze gang van zaken hieruit dat de gedachte dat alles van te voren vastligt velen niet zint, en dat deze bewijzen een totale weerlegging betekenen van de gehele nieuwe wijze van denken in de kwantummechanica, die meent dat de werkelijkheid in de microwereld niet volledig vastligt en ook niet in coherente modellen kan worden vastgelegd. De pseudorationalist Wittgenstein zei al: ‘Alle verklaring moet weg en alleen de beschrijving moet overblijven.’ Wel, dit is de contrarevolutie tegen de rede pur sang. Ik ervaar de twaalf bewijzen als een overwinning in de ruimste zin: er wordt niet gedobbeld met mijn lot en er blijft de mogelijkheid dat een formule van alles, een samenhangend model, de evolutie en mijn rol daarin op wijze en eerlijke manier zal leiden. Ik ben ook blij met deze weerlegging van die fundamentele fuzziness. Die heeft mijn angst voor de anderen die Sartre de hel noemde en mijn vrees voor het toeval, doen afnemen. De mensheid en de wereld lijken een beter lot te verdienen dan de worp van een dobbelsteen en de kale teruggang tot het stof.’

Enig bijval hebt u wel met uw determinisme-opvatting. Natuurkundige en Nobelprijswinnaar Gerard’t Hooft stelt dat als er ooit een finale theorie komt, dat deze geen waarschijnlijkheidselementen meer zal vertonen, maar volledig determinstisch zal zijn. De Nobelprijswinnaar zegt daar zijn eigen argumenten voor te hebben.

‘De argumenten van ’t Hooft in dezen zijn bij mijn weten niet gepubliceerd en ik kan er dus weinig over zeggen.’

Kan de samenleving eigenlijk wel met uw denken verder?

‘Het zou iedereen met hoop moeten vervullen dat er niet alleen wetten bestaan die de kleine dingen in de directe omgeving vastleggen maar ook die mijn lot bepalen en dat van de wereld.

De meesten mensen verkiezen een fuzzy wereld. In een wereld van fundamentele fuzziness, onzekerheid en toeval kom je gemakkelijker weg met je fouten en tekortkomingen. De mensen die gelijk krijgen hébben in dit model ook automatisch gelijk, want een objectieve maatstaf en rechter ontbreken. Dat komt machthebbers vanzelfsprekend goed uit en ook geestelijke achterhoedes, die zo gelijkwaardig worden. Zo ontstaan de psychologische machtsinstrumenten die ik sociale religies noem. Denk hier aan de filosoof Revel, die zei: ‘Er moet wel zoiets bestaan als objectiviteit, omdat het zo buitengewoon duidelijk is wat het tegenovergestelde ervan is.’

Wat bedoelde hij daarmee?

‘Revel bedoelt hier ongetwijfeld mee dat zodra van iets kan worden bewezen dat het een leugen is, of gebrek aan objectiviteit, dat daarmee automatisch vaststaat dat er zoiets als de waarheid wel moet bestaan.’

(Stilte)

‘Kijk, dat de meeste mensen de fuzzy wereld verkiezen, die past bij de onzekerheden en het toeval van de kwantummechanica, past goed bij onze huidige relativistisch-egalitaristische sociale religie. Deze religie is de opvolger van de christelijke religie van vóór 1800 en de sociale religie die het nationalisme van de 19e eeuw in feite was. Het lijkt mij dat een groot deel van de Wilders-allergie voortkomt uit het feit dat hij een godsdienst aanvalt: onze sociale religie. Die vormt een compromis tussen de wens van de massa tot gelijkwaardigheid en die van de leiders om hun macht te kunnen uitoefenen, zonder bemoeienis van rede en ratio. Het Christendom en het nationalisme verschafte het establishment diezelfde mogelijkheid, en gaf de massa redenen om hun leiders te volgen.’

Hebben wij, die in de traditie willen staan van het verlichtingsdenken, de mensheid niet overschat? We zeggen wel de rede te willen, maar we willen ook een knapperend haardvuur en een poes om te aaien, om nog maar te zwijgen van woede en hartstocht, zelfvernietiging en ongekende wreedheid.

‘Voor mij is rationalisme het standpunt dat bij elke redenering, over ieder onderwerp, bij elke stap, een optimale strengheid, evidentie en coherentie moet worden nagestreefd, waarbij men zich niets aan trekt van tradities, belangen enzovoort. Vanuit dit standpunt zou ik het Grote Gelaat van harte kunnen aanvaarden, eventueel als formule van alles. De fysica heeft immers ontdekt dat er zogenaamde bovenlokale verschijnselen bestaan waarbij de wetten als het ware orkestraties van meerdere deeltjes veroorzaken. Deze bovenlokale coherentie wijst mogelijk in de richting van een Groot Gelaat. Mijn natuurkundige werk bevat een bewijs omtrent hoe zulke bovenlokale verschijnselen werken, en hoe de beroemde paradox van Einstein, Podolski en Rosen (EPR) kan worden verklaard. Van de aanhangers van de nieuwe wijze van denken kwam hierop, net als op de twaalf bewijzen, geen enkele reactie.’

Misschien worden ze wel zwijgend geaccepteerd…

Als men die twaalf artikelen in wezen accepteerde zou men dat hebben moeten zeggen anders neemt men een loopje met de wetenschap. Meer algemeen bestaat mijn natuurkundige werk, in veertig artikelen geaccepteerd door internationale vakbladen, uit verklaringen van tot nu toe onverklaarde verschijnselen zoals EPR, de golf-deeltjes-dualiteit, en de verborgen variabele van Einstein. Meer speculatief volgde, uit mijn resultaat dat de wereld realistisch vierdimensionaal is, ook een theorie ter verklaring van bewustzijn. Aan het einde van page 6.1 van mijn website worden er nog enige eerder in vakbladen verschenen voorstellen tot experimentele verificatie van de 4D aard van de wereld gegeven. Ten overvloede, want in diverse van de twaalf bewijzen volgt de vierdimensionale aard van de werkelijkheid rechtstreeks uit experimenten die al veelvuldig gedaan zijn.’

‘ Vanwaar deze misère? Ik denk dat de voornaamste oorzaak is dat het sociale en financieel-economische leiderschap meer denkt in termen van belangen en manipulatie, dan in die van waarheden.‘

Dat vierdimensionale werkelijkheidsbegrip staat bij u centraal?

‘Bij mij staat het onderzoeken van de consequenties van 4D voorop, dus van een realistisch vierdimensionale wereld, waaronder het zogenaamde bovenlokale. Ik toon aan dat het bovenlokale evenzeer aan precieze natuurwetten gehoorzaamt als causale invloeden vanuit het verleden. Zo’n bovenlokale orkestratie van gebeurtenissen houdt in dat er een feedback bestaat tussen oorzaak en gevolg en niet alleen een causale invloed van oorzaak op gevolg. Alleen in 4D kan dit begrijpelijk in een model worden gevat. In plaats van dit model te accepteren doen de meeste natuurkundigen het dan maar liever zonder begrijpelijk model. Het voorgaande zou kunnen betekenen dat de wereld organische aspecten heeft en zelfs ook veel minder toevallig is dan de negentiende-eeuwse biljartbalfysica meende, zowel de anorganische als de organische aspecten ervan. Het zou zelfs kunnen blijken dat de wereld een zin heeft.’

Toch zit er een intuïtieve notie in uw denken.

‘Dat is zo. Mijn gevoelsmatige betrokkenheid bij de anti-fuzziness en mijn pro-begrijpelijk-model opvatting van de fysica, komt voort uit mijn verlangen dat van alle kwaad, mislukkingen en onrecht, oorzaken en achtergronden precies zullen kunnen worden verklaard en rechtgezet. Geen ermee wegkomen; dat willen juist zij die ongelijk hebben.’

Wetenschap, waarheid als scherprechter…

‘Ja, mijn keuze voor rationaliteit, doorzichtigheid en coherentie op het terrein van ook andere wetenschappen en ons hele bestaan, past hierbij. Mijn taak als kritisch wetenschapper, werd vergemakkelijkt doordat de malaise in de sociologie en filosofie meeromvattend is dan in de fysica die alleen op enige fundamentele terreinen in een nieuwe manier van denken verstrikt raakte. Van de sociologie daarentegen vonden vooraanstaande beoefenaars als Horowicz en Zijderveld zelfs dat ze tot gezelschapsspel was geworden. Vanwaar deze misère? Ik denk dat de voornaamste oorzaak is dat het sociale en financieel-economische leiderschap meer denkt in termen van belangen en manipulatie, dan in die van waarheden. Dit strookt niet met het rationele bèta-denken.’

Zegt u ook niet: de sociologie mist een productief, verklarend paradigma?

‘Ja en dat paradigma is nu juist precies wat ik verschaf in mijn maatschappijtheorie, die veel verklaart uit weinig uitgangspunten. Die theorie heeft als fundament: de tegenstelling tussen verlichte en anti-verlichte krachten, die mijns inziens de voornaamste dynamiek in de samenleving bepaalt. Het merendeel van alle nog onopgehelderde sociologische verschijnselen kan hier feitelijk uit worden verklaard. In mijn theorie worden bijvoorbeeld de seksuele taboes logisch verklaard als analoog, op het terrein van gevoel en instinct, van wat drukperscensuur is op dat van het denken, en met soortgelijke onbewuste en bewuste bedoelingen: het stelselmatig domhouden van de mensen. De sympathie van vele progressieven voor anti-intellectualistisch onderwijs, warrige filosofie, derdewereld-waarden en moderne kunst, sluit hier naadloos bij aan en staat haaks op het rationele, vrije denken.’

Willen we wel nadenken? Stadions trekken eerder hordes brullende mensen voor het voetbal dan dat ze gezamenlijk in stilte wiskundige formules zitten op te lossen…

‘Nou, de Amerikaanse filosoof John Dewey zei:‘Wanneer de mensen eenmaal zouden beginnen te denken kan niemand voorspellen wat er zou gebeuren, behalve dat vele personen, instituties en ideeën ‘would be certainly doomed.’ Mijns inziens draagt dit ene citaat zeer veel bij aan de overtuigingskracht en de verklaring van de bovengenoemde tegenstelling. Misschien wel de voornaamste oorzaak van het bestaan van verlichte en anti-verlichte krachten is, of men al of niet nadenkt en of men iets te verliezen heeft bij het nadenken van anderen.’

Vertrouwt u onze gezagsdragers?

‘Wel, ik wist al vroeg dat onze toonaangevenden niet deugden. In de eerste plaats doordat ze zeer terughoudend en taboeïserend stonden tegenover seksualiteit, dat nu juist het meest indrukwekkende was waar ik als adolescent, bijvoorbeeld in films, mee in aanraking kwam.’

Mensen op posities hebben nu eenmaal hun belangen, verantwoordelijkheden, achterbannen, bang voor een Sodom en Gomorra…

‘Ja maar ik vond als student al dat als de maatschappij zich helemaal niet inspande om seksuele ervaringen te faciliteren, met partner-contactbeurzen en bijvoorbeeld seksuele instructie. Zoals wel bij scholing van het intellect het geval was. Nu ja, dan deugde zo’n maatschappij niet. Zeker niet als ze pornografie verboden.’

Dat is vandaag wel even anders. U hebt nu uw tijd mee..

‘Dat meen ik ook wel maar ik heb in feite in bijna alles mijn tijd mee. Ik vertegenwoordig de verlichte evolutie: op seksueel gebied, wat eugenetica betreft en wat de coherente ontwikkeling van de samenleving betreft.’

unknown

 U was ook misschien een te solitaire eenling.

‘Inderdaad, een tweede reden om ons establishment te diskwalificeren was dat een deel ervan afkomstig was uit de studentencorpora. Van het daar populaire, agressieve zich doen gelden, distantieerden slechts weinigen van de regenten zich. Mijn aard en mijn omstandigheden hebben mij in staat gesteld, kijk ook naar mijn latere sociologisch werk, om het raadsel op te lossen van de Umwertung aller Werte: dat de maatschappij juist het prachtige taboeïseerde en de oppervlakkige, agressieve en rumoerige bierlol omarmde. De maatschappij had maling aan mijn geluk en subtiele verlangens en gedachten.’

Maar de maatschappij zit toch inmiddels vol met, zeg maar, vrijdenken, debatten, columns, bijlagen van kranten, documentaires? Ruimte genoeg voor elke individuele expressie…

‘Het grote overwicht van het politiek-culturele correcte denken bewijst hoe weinig echte vrijheid van meningsuiting er is. De personen en instituten die certainly doomed zouden zijn als de mensen écht zouden gaan denken, zullen uiteraard niet werkeloos toezien als te veel denken dreigt; algemeen zullen zij het onafhankelijke denken tegengaan. Hun macht manifesteert zich rechtstreeks in deze politieke correctheid.’

 Is daar dan een voorbeeld van te noemen?

 ‘Alleen al uit het eenvoudige feit dat ontslagen klokkenluiders moeite plegen te hebben met het vinden van een nieuwe baan blijkt onomstotelijk dat bedrijven en overheden, zeg het establishment, niet te goeder trouw zijn.’

 

Er is wetgeving die klokkenluiders beschermt, er zijn inmiddels anonieme meldpunten…

‘Ik vind dat men vrijwel niets heeft gedaan voor de klokkenluiders. Bouwfraude-klokkenluider Bos uit Tjuchum woont bij mijn weten nog steeds niet comfortabel…’

(Stilte)

‘Uiteraard gebeurt het tegengaan van het denken niet openlijk-expliciet maar juist indirect-verhuld via het onbewust–intuïtief pousseren van bovengenoemde zaken als anti-intellectueel onderwijs en irrationele kunst. Ook sekstaboes en antisemitisme blijken moeiteloos te passen in een anti-verlichte hoofdgedachte; zij maken deel uit van de contrarevolutie tegen de rede.

 Wat is dan die contrarevolutie?

‘Die contrarevolutie vormt zelfs een hoofdbestanddeel van onze huidige sociale religie: de relativistisch-egalitaire, die het eerdere ancien regime en nationalisme opvolgde als antiverlichte sociale religie en kern van de ideologie van het establishment.’

 

Maar geen maatschappij kan toch zonder een establishment?  Stelt u zich eens voor: honderdvijftig revolutionairen met hooivorken in de Tweede Kamer…

 

‘We kunnen niet zonder, dat is waar. Het establishment telt gemiddeld meer opleiding, meer initiatief en betere genen en een hoger IQ. In dit verband moet de oplossing voor een betere samenleving niet worden gezocht in de vervanging van het establishment door weer een nieuw machtselite, maar in een vervanging van de huidige sociale religie door een nieuwe, integer-wetenschappelijk waardenstelsel waarbij waarheid, wetenschap, integriteit en vooruitgang centraal zullen staan. De essentiële verbinding tussen mijn natuurkundige en mijn andere, sociologische werk is de ontzaglijke ontroering die ik ervaar over de waarheid en de schoonheid. Het laten triomferen van beide is mijn hoofddoel, dat ik probeer te bereiken door een vergaand rationalisme en een grote rol voor de meetbaarheid.’

Kan uw denken ons op dat pad brengen naar die samenleving?

‘Dat weet ik niet. Dat de waarheid en schoonheid stelselmatig met de voeten worden getreden heeft mij persoonlijk vrijwel geheel onverschillig gemaakt voor de mening van anderen. Deze anderen die pornografie verachten en kunstenaars als Mondriaan en Beuys belangrijk vinden, klokkenluiders de laan uitsturen en multi-recidivisten steeds weer vrijlaten…. Nee, wat zij denken en voelen moet wel ver van de waarheid zijn die ik zoek. Ze beweren zelfs dat er geen waarheid bestaat en dat het bestaan zinloos is. Ik heb van mijn leven een project gemaakt waarin ik mij als hoofdtaak gesteld heb te bewijzen dat het leven wél zin heeft en te laten zien dat degenen die deze zin ontkennen en ook een voortbestaan, slechts de leegte van hun ziel reflecteren. In mijn laatste natuurkundige geschrift, wat onlangs is gepubliceerd in Physics Essays, werd het project verder voltooid dan ik ooit had gehoopt. Ik heb in mijn leven het zeldzame geluk gehad dat zoveel gedachten en gevoelens, gebeurtenissen en innerlijke ingevingen opvallend vaak bij elkaar pasten en een coherent geheel vormden. Niet alleen heb ik het nooit meegemaakt dat mijn gevoel en mijn verstand het niet eens waren, ik had er ook geen enkele moeite mee om enerzijds, terecht, te worden gezien als meest radicale rationalist van het land en anderzijds de omvattende werkzaamheid van dat Grote Gelaat niet uit te sluiten.’

2016